Ik zit op de heuvel
Hoog achter mijn loopgraaf
Honderd kilometer roestig prikkeldraad
De donkerbruine bajonet
Strak op mijn geweer gebonden
Om je in reepjes te fileren
Nu je te dichtbij komt
Want jij
Jij hebt op mijn rode knop gedrukt
Jouw woorden verwaaien, ongehoord,
Nu de stoom
Razend uit mijn oren spuit
Mijn gepoetste pantser schermt
Mij van jouw pijn
En het paarse waas
Van oud verdriet
Verhult de wond
Die mijn leven schraagt
Nog voor jij bij mij binnenvalt
Breekt mijn verrassingsuitval
Jouw verdediging
In twaalf ongelijke stukken
Maar nu mijn stalen vuist
Blijft zweven
Geheven
Voor de genadeklap
Roept de zachte stem vanuit mijn verre diepsten
Kijk, vraagt ze, kijk
En ik kijk, en zie
Hoe jouw gebalde vuisten
Gevouwen handen blijken
Mijn barak
Op los zand gebouwd
Ingestort
Overstroomd door de oude tranen
Van mijn schuld

Geef een reactie